Staat uw ras er niet bij, laat het ons weten...... Stuur ons een E-mail of klik op deze balk en wij nemen uw ras op.

 

Blaarkop(Groninger)

 

 

 

Geschiedenis: In de veertiende eeuw zijn Blaarkoppen in Nederland al beschreven en komen ze regelmatig op schilderijen voor. Veelal ging het om de rode of zwarte Blaarkop echter de witkop, zonder aftekening op zijn kop, komt ook regelmatig voor. Het belangrijkste fokgebied was in de provincie Groningen. Ze kwamen echter ook voor in de buurt van Leiden en Utrecht. Ook in het buitenland komt de typische Blaarkop tekening voor. Zo zou de Engelse Hereford zijn witte kop te danken hebben aan import en kruisingen met witkoppen uit Nederland.
Uiterlijke kenmerken en eigenschappen: De kleur van de Blaarkop is egaal zwart of rood met een witte kop en een witte staartpunt. Rondom de ogen heeft de Blaarkop zwarte of rode blaren. De onderkant van de buik is eveneens wit. De Blaarkop was zowel bestemd voor de productie van vlees als van melk. In de loop der tijd bleek de dubbele functie van het dier niet opgewassen tegen de typische melkvee- of vleesrassen, daardoor nam het aantal dieren snel af. In 1998 waren er nog 1000 koeien en 15 goedgekeurde stieren. Deze situatie maakt dat het ras zeer kwetsbaar is.


 

 

Dexter

 

 

Geschiedenis: De Dexter is ontstaan in Ierland. De mini-koeien danken hun naam aan een zekere heer Dexter. Hij gaf de aanzet om het Dexter-ras te fokken. De eerste Dexters werden in 1882 geexporteerd naar Engeland. Daar werd het ras populair parkvee van de Engelse adel. In Nederland is de Dexter ruim dertig jaar bekend. De Nederlandse liefhebbers registreerden hun dieren tot 1994 in Engeland. In dat jaar werd in Nederland een eigen stamboek, Holland Dexter, opgericht.

Uiterlijke kenmerken en eigenschappen:  De Dexter heeft zowel vlees- als melkgevende eigenschappen. Hij is geheel zwart, rood of dunkleurig    (dun = van licht tot donker leverbruin gekleurd). De ideale schofthoogte voor koeien varieert van 96 tot 106 centimeter. Natuurlijk zijn de stieren in verhouding tot de koeien groter. Door hun formaat en prettige karakter zijn het gemakkelijke dieren om te houden.

Voor informatie: Vereniging Holland Dexter, website: www.hollanddexter.nl of e.mail: vink.reklame@worldonline.nl

 

 

 

 

Hereford

Geschiedenis: Ongeveer 250 jaar geleden zouden boeren in de buurt van Hereford in het district Herfordshire in Engeland begonnen zijn met het fokken van een vleesras. Dit om te kunnen voldoen aan de toenemende vraag van de groeiende voedselmarkt als gevolg van de industriele revolutie. Het verhaal gaat dat Benjemin Tomkins met zijn stierkalf Silver en de koeien Pidgeon en Mottle aan de basis heeft gestaan van het Hereford ras.

Uiterlijke kenmerken en eigenschappen: De Hereford is tot op de dag van vandaag een zeer populair vleesras. Hij heeft een opvallend witte kop en roodbruine vacht en is natuurlijk zwaar bespierd. De Herefords kalven probleemloos. Bij de geboorte is maar zelden menselijke hulp nodig. Verder is opvallend dat de Hereford in staat is om uit eenvoudig ruwvoer een hoogwaardige vleeskwaliteit te ontwikkelen. Bijvoeren is veelal niet gewenst omdat het de kwaliteit niet ten goede komt.

 

 

 

Lakenvelder

Geschiedenis: De Lakenvelder is een wereldwijd bekend ras en In de 12de eeuw werden al runderen met een lakenvelder aftekening beschreven. Het gaat hier dus om een zeer oud rund. Ook in Nederland komen ze al eeuwen voor. Onduidelijk is waar het ras echt is ontstaan. Echter in het buitenland wordt Nederland als het land van herkomst gezien. In 1772 werd de Lakenvelder door de “Oxford English Dictionary” als “Black cattle of Dutch origin" beschreven. Mogelijk komt dit omdat wij in Nederland al eeuwen de Lakenvelder als apart ras benoemen. De Lakenvelder is altijd vrij zeldzaam geweest en meerdere malen met uitsterven bedreigd. In 1976 waren er nog 323 dieren in Nederland over. Sinds in 1979 de Fokkersclub voor Lakenvelders werd opgericht is het langzaam maar zeker weer beter gegaan met de populatie.

Uiterlijke kenmerken en eigenschappen:

Het belangrijkste raskenmerk van de Lakenvelder is natuurlijk zijn witte aftekening, "het Laken" in het midden van het dier. Buiten deze witte band is hij verder geheel rood of zwart. Van oudsher zijn Lakenvelders bestemd om zowel melk te geven als  vlees te produceren. Het zijn over het algemeen rustige dieren met een nieuwsgierig karakter. Voor informatie: Vereniging Lakenvelder Runderen, website: www.lakenvelderrund.nl

 

Vogezen rund

Geschiedenis: Het Vogezen rund is genoemd naar de gelijknamige streek in Frankrijk.Rond 1618-1648 zijn er vermoedelijk runderen geïmporteerd vanuit Scandinavië naar de Vogezen, waaruit uiteindelijk het Vogezen rund is ontstaan.Het Vogezen rund werd zowel voor het vlees als de melk gehouden. Daarnaast heeft het zich in de honderden jaren perfect aangepast aan de klimatologische omstandigheden in de Vogezen.  

Door deze aanpassingen is het resistent tegen de meeste aandoeningen.

Uiterlijke kenmerken en eigenschappen: Het Vogezen rund werd zowel voor het vlees als de melk gehouden. Daarnaast heeft het zich in de honderden jaren perfect aangepast aan de klimatologische omstandigheden in de Vogezen.Door deze aanpassingen is het resistent tegen de meeste aandoeningen. Van dit voormalig populaire ras bestonden in 1914 ongeveer 125.000 dieren. In 1976 waren er nog 3000 dieren over en was het ras bijna uitgestorven. Dankzij diverse inspanningen om het ras te behouden zijn er nu ongeveer 8000 dieren.

 

 

 

Witrik of Ruggelink

Geschiedenis: In de Middeleeuwen is de Witrik voor het eerst in Nederland beschreven. In 1344 werd er een veestapel verkocht die onder andere bestond uit twaalf Witrikken. Onder de diverse epidemieën die in de Middeleeuwen regelmatig uitbraken hadden de runderen het vaak zwaar te verduren. De populaties werden vaak weer opgebouwd met geïmporteerd vee. In het buitenland zien we vaak runderrassen die lijken op de Witrik en ze komen overal ter wereld voor.

Uiterlijke kenmerken en eigenschappen: Het meest kenmerkende aan de Witrik is natuurlijk de witte (aalstreep) die over zijn rug loopt en overgaat in een witte staart. De stippels en vlekken geven het dier een apart en enigszins vrolijk uiterlijk. De gevlekte poten worden ook wel modderpoten genoemd. De kleuren die het meest voorkomen zijn zwart en rood, maar er is ook blauw, geel en vaal. Er zijn ongeveer 1500 dieren in Nederland.

 

 

 

 

 

 

 

aar boven